Raad voor de Journalistiek

Klacht tegen In de Strengen

Omdat de redactie van In de Strengen helemaal niets schreef over het volledig gewijzigde fokbeleid m.b.t. het Gelders paard, heb in juli 1998 een ingezonden stuk naar dit blad gestuurd. Door censuur van het KWPN-bestuur is dit stuk nog steeds niet geplaatst, hoewel er geen onvertogen woord in staat en het alleen maar haarscherp aangeeft hoe het KWPN omgaat met het Gelders paard. Ook heeft de redactie van In de Strengen nog steeds niets geschreven over het hoe en waarom van de (stiekeme) wijziging van het fokdoel, maar integendeel door een tendentieus artikel de indruk gewekt dat er helemaal niets gebeurd is.
Door de ledenvergadering van de KWPN-afdeling Gelders paard d.d. 22-4-1998 is besloten om er bij het KWPN-bestuur op aan te dringen om minimaal 75% Gelders bloed verplicht te stellen voor de stamboekregistratie als Gelders paard. De voorzitter van het KWPN-bestuur de heer P. Blokland heeft naderhand nog getracht het versturen van deze brief van de ledenvergadering tegen te houden. Maar toen deze uiteindelijk toch verstuurd is, is hij blijkbaar in de KWPN-prullenbak beland.
Tijdens een gesprek in besloten kring met de KWPN-leiding, d.d. 9-9-1998, waarbij ik ook was uitgenodigd, is afgesproken dat de mening van de fokkers van het Gelders paard gevraagd zou worden.
Bij de agenda van de desbetreffende ledenvergadering in In de Strengen zat geen enkele toelichting, terwijl het agendapunt stond aangekondigd als "voorlichting t.a.v. de bloedvoering". De fokkers van het Gelders paard wisten dus nog helemaal van niets; er zaten in die vergadering dan ook even veel mensen in de zaal als achter de bestuurstafel.
In plaats van de inmiddels overleden hoofdinspecteur Van der Veen gaf Prof. Barneveld, voorzitter van de hengstenkeuringscommissies voor de rijpaarden en voor de Gelderse paarden, een uiteenzetting over de Gelderse fokkerij. Die klonk oppervlakkig beschouwd aardig, maar was in werkelijkheid een verdraaiing van de feiten.

Omdat het bewust niet-informeren door In de Strengen vanuit het oogpunt van correcte journalistiek zeer kwalijk is, heb ik mij met een klacht tot de Raad voor de Journalistiek gewend. De Raad voor de Journalistiek is echter van mening dat ik daarvoor niet bij hen moet zijn en heeft dit deel van de klacht "niet ontvankelijk" verklaard. Ik vind het jammer dat de Raad voor de Journalistiek zijn taak zo beperkt ziet, want principieel gezien, is wat hier op verzoek van het bestuur gebeurt hetzelfde als het destijds op verzoek van de regering niet-publiceren over de Greet Hofmans affaire. En dat laatste vindt men tegenwoordig journalistiek een slechte zaak. Bovendien is er niet voor niets een redactiestatuut dat de onafhankelijkheid van de redactie garandeert. Maar geen rechten zonder plichten en dus mag verwacht worden dat een redactie de lezers over voor hen uiterst relevante zaken informeert; anders is een redactiestatuut alleen een garantie voor journalistieke willekeur.
Hoewel ik van mening ben dat het tendentieuze artikel met de halve waarheid door Rob van Overbeek ver beneden de maat is, kan ik mij vinden in de uitspraak van de Raad voor de Journalistiek dat mijn klacht over het benadelen van mijn goede naam ongegrond is, overeenkomstig het algemene criterium van de Raad dat ik in het artikel niet met naam ben genoemd.

Een pikant detail is, dat duidelijk is geworden dat niet de redactie maar het bestuur van het KWPN verantwoordelijk is voor de plaatsing van ingezonden stukken in In de Strengen. Dit werpt met name een heel ander licht op het wel geplaatste ingezonden stuk (en hoe!) in In de Strengen d.d. 7-5-1998 p. 42 over het destijds enigszins kritisch KWPN-ledenraadslid Dekkers.

[index] 


E-mail: lijssel@iae.nl