ARTIKEL van DANIELLE
LEMAIRE in DE KANTLIJN nr. 1 
HET LEVENDE ZUIDEN 1
Rubriek over muziek en performances uit en in het Zuiden.
door Danielle Lemaire.
Oktober 2006.
In de Lage Landen gebeurt er veel op het gebied van de (experimentele) muziek
en performances, meer dan u denkt. Dusdanig veel, dat de levende uitingen, zich
afspelend op verwachte en onver-wachte plaatsen, voorbijzijn voordat u met uw
ogen hebt geknipperd.
Ja, u krijgt veel informatie tot u, over tentoonstellingen, de leukste mega-festivals,
verzekeringen en kabelnetaanbiedingen. En de holle boodschappen klinken daarbij
helaas altijd het hardst, zodat u het op het laatst ook niet meer weet waar
u dat levenverrijkende ding moet halen. Dan besluit u maar thuis te blijven..
met een goed DVD-tje over Bob Dylan of zoiets. Dat is helemaal niet verkeerd,
natuurlijk! Maar weet u op dat moment zeker dat u niet ergens een vage vibratie
hebt waargenomen, tot u reikend vanuit het kind in het weggespoelde badwater...(de
krantjes in uw papierprullenmand bijvoorbeeld) dat roept: er is synchroon aan
dit tijdstip iets aktiefs gaande dat uw grondvesten kan doen trillen, u kan
veranderen...het levende leven is nu gaande! En, waarschijnlijk eenmalig.
Het is misschien niet altijd eenvoudig het kaf van het koren te scheiden in
de veelheid van het cultuur-aanbod op ‘mainstream’posters en flyers
die u tegenkomt in de stad of uw brievenbus; in de geijkte agenda’s op
keurige stapeltjes in ordentelijke rekjes bij onze Grote Musea of in de blinkendgepoetste
cafe’s van onze Moderne, Comfortabel Beveiligde grote Zuidelijke poppodia.
Het kan daarom zijn dat u denkt dat er niet meer gebeurt dan wat u in dat aanbod
aantreft. En dat u daarom, heel helaas, niet altijd meer verrast wordt, omdat
u voor de zoveelste keer naar een herhaling van een herhaling gaat luisteren
en kijken, waar u teveel voor hebt betaald.
Er zijn vele hoeken en gaten in de Zuidelijke steden en dorpen die bruisen van
echt schoons, ongekunsteld spontaans, moois en aanstekelijks; waar kunst in
haar ware en essentieële vorm kan worden genoten en ontdekt kan worden.
Soms loopt u er zelfs tegenaan zonder het gezocht te hebben, en is het er ineens,
voor uw neus. Want er gebeurt veel op dat gebied. Er leeft veel op dat gebied.
En heel vaak, het klinkt ongelooflijk maar het is waar, zijn deze levende juwelen
gratis toegankelijk. Wat te maken heeft met het feit dat er in dergelijke happenings
vooral uit liefde voor de kunst, om de kunst zelf, wordt gewerkt.
Energieke avonturen meemaken en van de platgetreden paden afkomen, hoe?
Vooraleerst is het een kwestie om in alle informatie die u krijgt -als bovengenoemd-
ook goed de kleine lettertjes en de achterflappen te lezen; om ook tekeningen
en teksten te lezen in aankondigingen op zelfgemaakte flyertjes, stickers en
kopietjes die u aan kunt treffen in semi-slordig neergelegde stapeltjes op de
bar van de experimentele platenzaak, op straat (!), op tafeltjes in alternatieve
muziekclubs, diverse ’podia voor de kunsten’, kunstenaarsplekken
etc... en in de emails die in uw spam-folder zijn blijven steken. Eigenlijk
moet u, als u op ontdekkingstocht wilt gaan, zoveel mogelijk lezen en met een
speciaal gevoelige antenne filteren. Dit is te beoefenen.
Een beetje struinen op het internet kan ook wonderen verrichten. Lees eens recenties
van nieuwe platen en CD’s in het alternatieve circuit waarvan er dagelijks
honderden uitkomen. Stel een vraag en zoek meerdere antwoorden. Van het een
komt het ander. Pionierswerk loont!
Tot u spreekt een van de kunstenaars die zelf als een vis op het podium is,
platen en CD’s uitbrengt (op haar eigen label: Inner Landscapes) en die
zichzelf graag bij tijd en wijle onderdompelt in de ongerepte spelonken van
diverse Zuidelijke culturele goudmijnen, om te voelen wat er om haar heen leeft
in de muziek-en performancewereld; om te leren van anderen en zich te verbinden
met de kunst die leeft.
Onlangs gezien en hoog gewaardeerd:
Op zaterdagmiddag 23 september 2006 van ± 14.30-15.30
galerie Maes en Matthys in collaboratie met galerie Stella Lohaus,
Pourbusstr. 3A / Vlaamse Kaai 47, Antwerpen,
In de expositie ‘Break Down The Walls’ van Dennis Tyfus en Vaast
Colson.
SUNBURNED HAND OF THE MAN (USA).
Lokatie: de gehele expositie.
Situatie: De expositie van Dennis Tyfus en Vaast Colson begint in de ene galerie
en eindigt in de andere via een met grof geweld in de muur gehakt gat.
De expositie is een ‘visuele expressie van een geïmproviseerde perfomance’
volgens beide kunstenaars; doorlopend zijn er gratis toegankelijke perfomances
in de tentooonstelling, gepland in een uitgebreid programma van concerten en
radio-uitzendingen.
Te zien in beide galeries, verspreid, zijn grote getekende schilderijen en videowerken
van Dennis Tyfus en installaties van Vaast Colson. Het voorste gedeelte van
de eerste galerie bestaat uit twee verdiepingen. De eerste verdieping is verbonden
met de begane grond via een ovaal-gevormde ‘kuil, of een arena (‘drager
van een situatie’, volgens Colson) beslagen met donkerbruine houten latjes;
op de eerste verdieping kijk je neer in de kuil, die alleen te bereiken en te
verlaten is via een ladder. Op de benedenverdieping kijk je tegen de wand van
de kuil aan, tegen de houten latjes waarvan tussen smalle kieren zicht wordt
geboden op het innerlijk van de kuil en op wat zich daarin afspeelt. Er worden
diverse performances in gegeven.
De algehele sfeer in de galerie is die van een vriendelijk maar ook bedreigend
bos.
SUNBURNED HAND OF THE MAN bestaat uit een groep improviserende mannen uit Boston,
ruige kerels die niet-zachtzinnige, fysiek-indringende performances geven. Geluiden
brengen ze voort middels hun stem, hun hele lichaam, instrumenten als bellen
en trommels, (electrisch) werkgereedschap en rotzooi zoals oude blikken etc.
Hun perfomance deze middag begon in een grote zaal van galerie twee -slechts
bereikbaar voor het publiek via het gat in de muur- alwaar op één
wand zeer groot een video-loop van Dennis Tyfus was geprojecteerd; een zwart-wit
animatie van een lelijk mannetje in een continu herhalen-de neurotische aanstootgevende
handeling.
Een groep mannen lag gedeeltelijk op de vloer, hing gedeeltelijk tegen de wand.
Stil.
Eén voor één kwamen deze mannen tot leven. Niet sierlijk,
maar hoekig, schokkerig. De groep op de vloer bewoog zich voort, een onwillekeurige
richting uit, schuivend op de borst, of schuivend met het gezicht in een doek
op de grond. Naar elkaar toe, van elkaar af. De man tegen de muur ging rollend
heen en weer. Er kwamen geluiden uit deze wezens. Gemurmel, oerkreunen, niet-definieerbaar
gezang. Het schuiven werd rustelozer en de hele ruimte werd weldra werkterrein;
het publiek bevond zich in de loop van zo’n half uur in een wereld van
omringende oerstemklan-ken en schijnbaar ongecontroleerde bewegingen van een
groep wild- gestoord uitziende mannen, die wel degelijk poëzie in hun bewegingen
toonden. Ik herinner me een jongen die sprekend leek op Kurt Cobain. Ik dacht
steeds dat het Belgen waren. Maar dit waren dus Amerikanen. Alle mannen hadden
sjofele kleren aan, die naturel aan hun lijf hingen als boomschors aan een boom.
Associaties kwamen bij me op: met types uit films als ‘One Flew Over The
Cuckoo’s nest’, ‘The Idiots’,‘De Dag dat de Triffids
kwamen’ en zelfs uit de videoclip ‘Thriller’ van Micheal Jackson.
Eén van de mannen gooide een doek vol bellen en klankschaaltjes in de
murmelende, draaiende
mannenmassa. Het doek viel open, de instrumenten kinkelden over de betonnen
vloer.
Instrumenten werden opgepikt, langzaam bewoog de groep zich door het gat naar
de eerste galerieruimte, omhoog naar de eerste verdieping, alwaar zij plaats
namen in en rond de kuil en spectaculair doorspeelden, volledig in zichzelf
gekeerd bewegend met instrumenten, een hamer,
een boor, de klankbellen; er was een man bij die ‘spastisch’ een
keyboard bespeelde.
Als gezegd, ongecontroleerd leek de groep; het had iets alarmerends, gestoords,
gevaarlijks.
Een man probeerde een andere man in de diepe kuil te trekken. De ladder werd
weggehaald.
Ik hield mijn hart vast. De bewegingen waren soms wild. Agressief was het woord
niet,
ik hoopte soms dat er geen gewonden zouden vallen, omdat de mannen zich nogal
lieten gaan.
En daar zag ik de professionaliteit: alles bleek wel degelijk volledig in de
hand, er werd niet in de metershoge kuil gevallen, er werd niet in benen geboord.
Het geluid was prachtig, ongrijpbaar.
Het enige zwakke aan de langer dan een uur durende performance vond ik, dat
op een bepaald ogenblik alle mannen tegelijk zich aan een soort ritualistisch
ritmisch geklop en getrommel met de handen overgaven. Zo’n ‘lekker
ritme’ ineens. Dat vond ik flauw en riekend naar typisch
Amerikaans show-entertainment.
Individuele mannen van de groep gingen op in hun rol, ze rolden en knielden
en veegden zich door het stof, ze werden bos. Het was indrukwekkend.
Onlangs gezien en laag gewaardeerd:
Op vrijdagavond 29 september 2006
Eerste concertavond van het Earational Festival, in de Toonzaal te Den Bosch:
ZÈBRA. (Frans de Waard en Roel Meelkop)
Ieder jaar omstreeks deze tijd vindt in Den Bosch het Earational festival plaats.
Op verschillende plekken in de stad zijn geluidinstallaties en films te zien,
zoals bijvoorbeeld in kunstenaars-initiatief Artis. In de mooie voormalige Synagoge
die nu Toonzaal heet, vinden electronische concerten plaats.
Wij woonden de eerste avond bij, die natuurlijk altijd spannend is omdat het
een eerste toon gaat zetten voor het festival. De hoofd-act, Micheal Prime,
bleek al te zijn blijven steken met het vliegtuig in Ierland. In plaats van
deze act kregen we een ander concert van een doorgewinterde Duitse electronica
artiest, Christoph Heemann; een zeer serieus, rustig en mooi opgebouwd concert
dat helaas te lang duurde, het laatste kwartier zakte in, en het blijft onbegrijpelijk
waarom deze man in de laatste 5 minuten nog allerlei experimenten ging doen
die niks met het geheel van zijn concert te maken hadden.
Na een pauze traden Frans de Waard en Roel Meelkop ten tonele. Met name van
Frans de Waard heb ik interessante dingen gezien en gehoord; hij is iemand die
in allerlei hoedanigheden zijn hart aan de experimentele muziek heeft verpand,
velen kennen hem van het frequent verschijnende ‘Vital Weekly’ (muziek-review
magazine online), waarin hij met bewonderenswaardige consequentie verse releases
van collega’s bespreekt. Van Zèbra (een samenvoeging van de winkelnamen
Zeeman en Wibra) wist ik alleen dat zij een single hadden uitgebracht op het
Nijmeegse label Ole. De muziek van Zèbra kende ik nog niet. Met een zeer
goede herinnering aan de Waard’s optreden in de Player (Rotterdam) vorig
jaar, aan de zijde van de obscure Amerikaan Scott Faust, had ik blijde verwachtingen
van dit concert. Wel jammer dat er weer alleen iets met die eeuwige labtops
ging worden gedaan. Ik word labtop concerten echt beu onderhand. Die kunnen
eigenlijk niet meer vind ik. De mannen begonnen vrolijk; weldra werd de waardige
synagoge gevuld met een smak lawaai die een interessante draai had kunnen krijgen;
het concert had ‘stout’ kunnen worden, of humoristisch, zoals de
band’s naam is. Maar vanaf de eerste vervlakkende beat die uit –ik
geloof- de labtop van Roel Meelkop werd gestampt kreeg het publiek te kampen
met een soort gemakszuchtig gefreak, waarbij grote-jongens-gitaren-samples op
behoudende manier naar een zekere ‘climax’ werden opgestuwd met
een vervelende voorspelbaarheid die me uiteindelijk deed afvragen wat ik daar
nog op die stoel zat te doen.
Favoriete geluidsdrager van de maand:
Jan
Van Den Dobbelsteen: ‘Three Variations’. 10” vinyl plaat.
COSMIC VOLUME # 21.
Ja, dit is de plaat van mijn eigen man Jan. Maar het is de beste plaat van Zuidelijke
bodem van de laatste tijd die ik gehoord heb en daarom bespreek ik hem alhier.
Trots overhandigde Jan me zijn nieuwe Cosmic Volume #21 op de dag dat deze vers
van de pers was binnengekomen.
De bijzondere, zelf in het Grafisch Atelier DAGLICHT gezeefdrukte hoes; mat-zwart
met koperkleurige letters aan de voorkant en mat-koperkleurig met zwarte letters
aan de achterkant, kende ik al iets langer, en nu dan was deze uitgave compleet.
Op een speciaal moment draaide ik de plaat voor het eerst. Op een stille avond,
toen ik alleen thuis was en de buren al naar bed waren.
Kant A; Een langgerekte wind waait, continu, op meanderende toon. Van verre,
er doorheen wevend, komen versnelde geluiden naar voren die afkomstig lijken
van mensen en geruchten die eens voorbij kwamen. Van overleden personen? Ik
herken ergens vaag de stem van Jan zelf en verderop, in een andere soort omgeving,
ook mijn eigen stem, dus het zijn niet alleen stemmen van overledenen. Wellicht
zijn het allerlei verschillende stukken van eigen archiefmateriaal.
Ik weet het geheim niet. (En hoef dat ook niet te weten).
Ik hoor de vervormde stemmen en soms zenuwachtige geluiden strijden met elkaar.
Op de grondtoon hoor ik dan complexe kluwen, wolken geluid ontstaan, die weldra
weer ontrold worden tot enkele, soepelstrekkende draden.
Deze ‘Three Variations’ – de plaat bevat drie geluidsstukken,
twee op kant A, ‘Variations 1 en 2’ en een op kant B, ‘Variations
3’- geeft een blik op een nooit tot stilstand komende wereld, waarin dag
en nacht in elkaar overgaan en van waaruit continu energie wordt gegenereerd;
alle aktiviteiten in een microcosmos –de wereld van Jan zelf –zijn
omgezet in geluid; vergelijkbaar met de continue stroom van de eeuwige gevarieerde
geluiden die elektronisch worden gegenereerd uit de onophoudelijke bewegingen
in het binnenste van de aarde. (te beluisteren op het internet, 24 uur per dag!)
Op kant B is een constante 16-tonige grondlijn te horen die nergens ophoudt
noch verandert.
Het is prettig bij beluistering (en ik raad iedereen aan alleen, ongestoord
in stilte te luisteren) ‘je eigen ritme’ samen te laten vallen met
deze grondtoon; het geeft rust, zoals wanneer je luistert naar het ruisen der
golven van de zee...maar die rust is bedrieglijk en heeft verre te maken met
‘op je lauweren rusten’, omdat ze louter bestaat bij de gratie van
de enorme dynamische veelheid aan opkomende en afnemende elektronische geluiden
die de grondtoon omwinden, als het ware. Deze geluiden vertegenwoordigen in
abstractie de razende en rijke wereld vanwaaruit ze ontstaan zijn.
Veel te snel voor mijn gevoel is kant B afgelopen en het blijkt dat ik was opgetild
door de muziek, omdat ik met een smakje terugkom in mijn eigen werkelijkheid
–d ie ik was gaan vereenzelvigen met die van ‘Three Variations’.
Een prachtige ervaring.
Zoals met al Van Den Dobbelsteen’s muziekuitgaven, is de ervaring die
je met deze muziek kunt hebben een fysieke.
Uiteraard ken ik Jan’s geluidswerk zeer goed, en vrijwel alles -we werken
in muzikaal opzicht ook samen; de groeiende serie Cosmic Volumes (26 uitgaven
nu!) heb ik dan ook op de voet gevolgd en ik geef toe dat ik niet alle werken
even ‘gemakkelijk’ beluisterbaar vind. Deze ‘Three Variations’
was een verrassing voor me, ook omdat ik al die tijd niet doorhad dat dit de
muziek zou zijn op de plaat die hij op dat moment bij wijze van spreken onder
mijn neus aan het produceren was en ik vind dat met deze 10” een kroon
is gezet op de ontwikkeling in
zijn geluidswerk.
De plaat doet me denken aan picture disc # CV 15 ‘Voor Ambrosius’;
een plaat die destijds is uitgebracht voor de gelijknamige geluidsinstallatie.
Op deze plaat is het geluid van het groeien van de tulpen in JaDa’s tuin
te horen.
Nu hoor je geen tulpen maar mensen die voorbij zijn, geruchten die tot je komen
als uit een andere werkelijkheid; een werkelijkheid die je eigen werkelijkheid
blijkt te zijn.
Website: www.iae.nl/users/jada
Danielle Lemaire, oktober 2006
-
galerie Maes en Matthys: SUNBURNED HAND OF THE MAN (USA) /
23 september 2006
-
Earational: ZÈBRA. (Frans de Waard en Roel Meelkop)/
29 september 2006
- Jan
Van Den Dobbelsteen: ‘Three Variations’. 10” vinyl
plaat. COSMIC VOLUME # 21.
februari 2007
-November Music: Building Transmissions / Dick Verdult
-Lokaal 01 Breda: NOISE BAG van Thurston Moore
-Hermes lezing. provinciehuis te Den Bosch:. Jeff Wall
29 april 2007
-# REBOUND 8, Zesde Kolonne Eindhoven.
- Argument: The Truth In The Eyes Of The Deer & The Jim Morrisons
-IDFX Breda/Electron: Goodiepal
- De Grote Kerk, Breda: Kristoffer Zegers
5 mei 2007
- PapaBaer (Kommissar Hjuler) & MamaBaer en JaDa
- galerie Jan Colle: Huwelijksfeest Esther Venrooy
oktober 2007
- Horst Rickels en het Pow Ensemble: ‘Het Luiden van de Spreker’
-CD Het Maskesmachine: ‘Ge Kun Et’
februari 2008
- concert Margriet Hoenderdos -
- zonder kunstenaars geen kunst
maart/mei 2008
-
Festival CEMENT.de Verkadefabriek, Den Bosch: Tessa de Swart
-
KOP,
Breda. TAC, Eindhoven: Renée van Trier
-
‘Septem
Sapientes’ Astrid Kruissenbrink, teksten Wim Hofman,
uitvoering Heleen Hulst en Peppie Wiersma.
- 013,’High Tea’ Uw Hypotheekadvies
mei 2008.
-Laurie
Anderson en Lou Reed
Pand
Koloniale Waren, ‘Open Circuit’, Kunstencentrum België, Hasselt,
België
-Tentoonstelling
‘It’s not only rock’n’roll baby!’
BOZAR, Brussel, België, 20 juni t/m 14 september 2008
curator: Jérôme Sans
november 2008
-‘het debat over het fenomeen Zwarte Piet’, auditorium van Abbe museum
-Artis, Den Bosch: Aileen Campbell
-TAC Eindhoven /Flipside m.m.v. Stichting Poon: Pierre Bastien-live cinema
- MoHA! TAC.BAR, Eindhoven org. Axes Jazzpower
november 2008 - februari 2009
WORDS
LIVE 1, 2 en 3. Drie
performance avonden over het gesproken woord in verschillende kunstdisciplines.
samengesteld door Toine Horvers, Samuel Vriezen, Dante Boon en Cora
Schmeiser.
mei 2009
- De Effenaar: Solex. My Bloody Valentine. mei 2009
- Electron, Breda, 16 april 2009 en Gifgrond, Tilburg: The Dream Society. april 2009
juni 2009
Felix
Kubin’s 40th Birthday Party
24 juni 2009
Atomium, Brussel
september 2009
- Incubate Tilburg 19 september 2009 - Herman Nitsch (AT). Zwijsenpand. Tilburg
- (Our meeting with) JANDEK (Houston, U.S.A.) Paradox, Tilburg