Op zoek naar de voetstappen van

Vincent van Gogh

in zijn Nuenense periode

ZOMER 1885 / KAPELLEKE / AMSTERDAM EN HELMOND / AANVULLINGEN / NOTEN / INHOUD

DEEL 5/6

DEEL-1 DEEL-2 DEEL-3 DEEL-4 DEEL-5 DEEL-6
           

 

ZOMER 1885

In juni kwam hij in aanvaring met Anthon van Rappard over de werken van "de aardappeleters", hij kon de ongezouten kritiek van zijn vriend moeilijk verdragen. Hij trok zich terug in de korenvelden en de heide. Zijn eenzaamheid onderbrak hij in Eindhoven, meestal op zondag, de enige dag in de week die voor bijna iedereen een vrije dag was. Alleen Antoon Hermans had alle tijd, ook Anton Kerssemakers kon wel wat tijd vrij maken in de week, maar was toch gebonden aan zijn bedrijf. Natuurlijk waren er in de zomeravonden nog wel mogelijkheden maar toch waagde zich niemand meer alleen op straat na het invallen van de duisternis, als dat niet perse moest. Op de schaarse verlichting in Eindhoven na, was het overal aardedonker, een voedselbron voor bijgeloof en sterke verhalen vooral bij nieuwe en volle maan.

Vincent heeft beslist ook verre voettochten ondernomen, doch de eerder gepubliceerde pagina over een mogelijke tocht naar Veldhoven wordt bij nader inzien vervangen door een beschrijving van een meer waarschijnlijk bezoek aan de windmolen te Woensel. De krijttekening JH 911 is mogelijk zeer dicht bij Eindhoven gemaakt. Een korenveld met daarachter een achtkantige windmolen, bevond zich tussen 1850 en 1890 aan de Lijmbeekstraat. Een bezoek aan deze lokatie ligt meer voor de hand dan een (voet)tocht naar Veldhoven.

Het bestaan van de molen blijkt uit een advertentie in de Meijerijsche Courant d.d. 11 januari 1890.

De molen is na de verkoop verplaatst. Op het opengevallen terrein werd de St.Antoniuskerk gebouwd. Deze kerk werd in 1909 gewijd. In de volksmond "Antonius Fellenoord" (naar het gehucht Fellenoord) nabij het "Meulenpaaike".

Ik denk dat Kerssemakers, Vincent bij veel meer schilderachtige plekjes gebracht heeft, dwars door de eindeloze heide tussen Eindhoven en de Achelse Kluis. Van deze bezoeken is echter geen enkel bewijs of aanwijzing. Wel lijkt het mij dat de uitstapjes van Kerssemakers naar Nuenen en omgeving gedaan te zijn op verzoek van Vincent, bedoeld als tegenbezoeken naar zijn geliefde plekjes in het Brabantse Land, dat daar toch anders was.

Waar Nuenennaren hun graan lieten malen is ook niet duidelijk. De watermolens in de omgeving hadden capaciteit genoeg, toch was er behoefte aan een windmolen, misschien om de maalprijzen te drukken. Watermolens waren duurder vanwege de rechten die betaald moesten worden op de wateren en hun oevers, ook wegengeld voor vervoer was niet vreemd. De dichtstbijzijnde windmolens waren die van Stip-hout, Geldrop, Mierlo en Breugel. De grote stenen beltmolen van Lieshout lag verder weg maar had meer bekendheid. De voorste molen in Lieshout drie kilometer dichter bij Nuenen, was er nog niet. Begin juli 1885 schrijft Vincent aan Theo: "...ben alle dagen zo moe als een hond, omdat ik heel wijd in de hei zit...". Dat kan betrekking hebben gehad op richting Stiphout, Aarle en Rixtel, Beek en Donk en Lieshout, dorpen die in de zomer rondom in de korenvelden lagen met in de buurt een windmolen. Zo’n tocht van anderhalf tot twee uur lopen door het losse zand midden in de zomer, met schildersspullen op de nek en als proviand een homp droog brood, een stuk kaas en een veldfles gevuld met water en een scheut cognac. Na uren

bezig zijn in het veld en dan weer terug door het stof, dat moet toch afzien zijn geweest. Gezien de noordelijke ligging van Lieshout ten opzichte van Nuenen is een flinke wandeling met het zonlicht van achteren heel wat prettiger dan met half gesloten ogen tegen het licht in, bijvoorbeeld naar Stiphout. Lieshout wordt door Kerssemakers genoemd als bezoek aan "de groten molen" samen met Vincent. De kortste weg naar Lieshout is via Gerwen, dat was voor Toon Kers een slordige 6 km verder weg. Hij moest vice versa ruim 28 km overbruggen die door onze leerlooier zeker niet in één dag gelopen werden voor zijn plezier. Ergens overnachten zou kunnen, maar tussen de vlooiendekens in een vreemde bedstede....., dat deed hij zeker niet. Als Kerssemakers voor de koets koos was dat normaal en allerdaags. Vincent echter voelde zich in een koets of ander voertuig afhankelijk en wilde dat juist niet. Kerssemakers zal het omgedraaid hebben en wilde best afhankelijk zijn van Vincent door bijvoorbeeld te zeggen: "Vandaag is dit jouw koets, zeg maar hoe bruintje lopen moet." kaartje 5.

 

De man in Nuenen die niets meer van zich liet horen (blz. 7 van dit verhaal), heb ik aarzelend nog eens bezocht nu met meer resultaat, alsof hij iets goed wilde maken. De door mij opgevraagde gegevens had ik de andere dag al in de brievenbus. Ik ben hem zeer dankbaar, vooral voor het hele verhaal van Anthon Kerssemakers uit de "Amsterdammer" van 14 en 21 april 1912. Dit schrijven komt aardig overeen met mijn ideeën over het wel en wee van hem met Vincent. Je hoeft geen psycholoog te zijn om hieruit op te maken dat Vincent een doodgoeie vent was die geen eisen aan het leven stelde, zijn eigen weg wilde gaan zonder betuttelingen van anderen en met een vooruitziende blik. Hij werd echter belemmerd door armoede, die hij zichzelf waarschijnlijk aandeed door niet aan te pappen met de z.g. betere kringen. Hij gaf de dingen eerlijk weer, niet mooier als ze waren, geen pracht en praal. Nee een os voor een ploeg en boerenkoppen waar de zorgen van afstraalde. Als Vincent beter was begrepen en wat minder was geplaagd door arrogantie en schijnheiligheid van hen die meende aan de touwtjes te moeten trekken, zou hij in mijn ogen 'unne contente mens' geweest zijn te Nuenen, geen lolbroek maar ook geen zuurmuil. Zo geeft ook het complete verhaal van Kerssemakers over van Gogh een betere kijk op enkele bezochte lokaties, dan de korte stukjes in diverse boeken, zoals in "Ach lieve tijd, Eindhoven" en "Toen Eindhoven nog Eindhoven was" van Karel Vermeeren.

 

KAPELLEKE

Ik kom nu terug op wat ik eerder schreef over het "kapelleke" aan de Wolvendijk. Wat haalde Kerssemakers na ruim 25 jaar door elkaar, of beter gezegd, wat werd verwisseld? Was het de journalist die van het kerkje een kapelletje maakte omdat Kerssemakers mogelijk dat woord had gebruikt?. Gaat het over de oude kapel aan de Wolvendijk uit de middeleeuwen of over de oude toren op de open vlakte tussen Berg en Beekstraat ook uit de middeleeuwen? Van de St.Antonius Kapel aan de Wolvendijk is bekend dat deze in 1917 is afgebroken. De oude toren is in 1885 onder de ogen van Vincent afgebroken, "door vandalen" zoals hij hen noemde.

 

Vandalen, zoals Vincent ze noemde, hebben in 1967 te Eindhoven ook van zich doen spreken, met de afbraak van een bouwwerk dat ook Vincent van Gogh zeker gekend heeft. )12

 

Het was de gemeenteraad van Nuenen, die in februari 1885 het besluit tot afbraak had genomen, wegens ernstig verval. Als alleen de spits was verwijderd, had de rest er nu nog kunnen staan als monumentale ruïne, geheel opgenomen in de natuur met een zeldzame flora en fauna erin, erop en eraan. Dat was wat Vincent bedoelde en een van de redenen waarom hij die toren zo vaak heeft getekend en geschilderd in olieverf en andere technieken, zelfs toen deze al weg was.

Van de St.Antonius kapel schuin tegenover de Opwettense watermolen aan de Wolvendijk, zijn alleen latere afbeeldingen bekend, zoals de aquarel van Pastoor Aldenhuizen, uit 1917 kort voor de afbraak. Kerssemakers en Vincent hebben die kapel, kort aan de weg en tussen het geboomte, goed gekend en misschien ook wel getekend of geschilderd. Er is echter niets van te vinden. Verwisseling van beide bouwwerken door wie dan ook lijkt mij overduidelijk. In officiele stukken van de gemeente Nuenen c.a. wordt geschreven over "den ouden toren dezer gemeente" enerzijds en de kapel bij Opwetten waar de brandspuit van Opwetten werd ondergebracht anderzijds.

Om nog even in de buurt van Opwetten te blijven. De watermolen, die wel is geschilderd maar nergens als zodanig is vernoemd in de brieven van Vincent aan broer Theo, Anton van Rappard of wie dan ook, is hoogst merkwaardig. Dit schilderij, olie op doek 58x45 cm was toch wel het vermelden waard. Andere kleinere doekjes, van veel mindere kwaliteit zoals het zogenaamde station Eindhoven komen wel aan bod, weliswaar door Kerssemakers, maar bekend is het wel. Kerssemakers moet samen met Vincent vaak die watermolen gepasseerd zijn. Dimmen Gestel maakt ook melding van zo'n passage, maar niets over een schilderij. Wat voor geheimzinnigs is er aan dit werk te bespeuren? Als het niet van van Gogh zou zijn, hoe komt het dan tussen zijn werken terecht. Na deze woorden ontploffen een aantal van Gogh aanbidders als zij dit schrijven onder ogen krijgen. Hoe durf ik aan deze van Goghproduktie te twijfelen? Ik heb nog meer twijfels over nog andere werken omdat er uitwisselingen van doeken hebben plaatsgevonden, ongesigneerd en ongedateerd. Achtergelaten spullen, voor het gemak of als onderpand voor iets? Wat kwam daarvan terug, of kwam daar misschien iets anders voor in de plaats?

 

AMSTERDAM EN HELMOND

In oktober 1885 is Vincent, midden in de week, drie dagen naar Amsterdam geweest. De nacht bracht hij door in een logement voor f 0,50 per nacht. Kerssemakers kwam ook maar kon maar één dag vrijmaken voor een gezamenlijk bezoek aan het Rijksmuseum. Dit wordt door Vincent aan Theo geschreven en 27 jaar later door Kerssemakers in de krant geplaatst. Het enige verschil in dat schrijven zit hem dat Vincent één olieverfstukje in de stationswachtkamer maakt en één stuk een dag daarvoor 's morgens buiten, terwijl Kerssemakers hem er een paar in die wachtkamer liet maken, werkjes JH 944 en JH 945. Na 27 jaar geen verschil om je aan te storen. In de catalogi is er nog een derde stukje bij geplaatst waar men eigenlijk geen raad mee weet, namelijk JH 947. Het gaat om een stadsgezicht met kanaal, huis en ophaalbrug. Olieverf op paneel 49,5 x 42 cm, dit is niet direct klein te noemen. Dit schilderij is al naar vele plekken verwezen, waaronder Amsterdam en Antwerpen maar toch weer als werk te Nuenen aangemerkt, plaats onbekend. In Nuenen is deze plek zeker niet te vinden. In de Nuenense periode geschilderd? Misschien wel, maar waar? Op ruim 10 km afstand van de kern van Nuenen ligt het kanaal de Zuid-Willemsvaart, dat was er toen wel, het nabij gelegen Wilhelmina kanaal niet. De Zuid-Willemsvaart heb ik over een lengte van meer dan 20 km afgestroopt naar ophaalbruggen met in de buurt een koepelgebouw. Ik heb gemeentehuizen bezocht en in archieven gesnuffeld, heemkundemensen lastig gevallen en oude kerken van binnen bekeken. Het resultaat bleef nul, d.w.z. in de vorige eeuw. Het archief in Helmond heeft wel gegevens van een koepelgebouw maar die zijn jonger. Bij de ophaalbrug Veestraat - Steenweg te Helmond staat de parochiekerk O.L.V. Ten Hemel Opneming, een koepelkerk. Deze kerk is echter gebouwd in 1915. Eerst alleen het middenschip met koepel, op een open terrein en geheel in overeenstemming met het schilderij. Veel later zijn de zijbeuken en nog later de toren gebouwd. Op de plaats van de huizen staat nu nieuwbouw, ook de kijk op de kerk valt door de huidige bebouwing deels weg. Op enige afstand gezien is dit tafereel het helemaal, maar wel 30 jaar later. Er blijven 2 mogelijkheden over:

1) Ergens anders moet precies dezelfde situatie geweest zijn, doch zeker niet bij de deur.

2) Het schilderij is niet van de hand van Gogh en veel later geschilderd, nabij de O.L.V. kerk te Helmond.

Onmogelijk zeggen kenners met verwijzing naar de nalatenschap van mevr. V.Gogh-Bonger. Accoord, maar waar komen dan alle toevoegingen vandaan? Ook wordt wel gezegd dat alle werken van Vincent van Gogh goed herkenbaar zijn. Daar ben ik het niet mee eens, want velen kunnen van Gogh perfect nabootsen en hebben dat ook gedaan. Deze voetstappen van "het schildermenneke" bij de ophaalbrug in Helmond zijn in ieder geval ongeldig.

Als Vincent aanstalte maakt om naar Antwerpen te vertrekken komt hij nog eenmaal bij Kerssemakers langs met het "herfstlandschap" JH 962. Hij schenkt dit aan zijn vriend met de boodschap nog eens terug te komen. Hij neemt ook een schilderstuk van Kerssemakers aan, maar welk doekje dat is geweest, daar ben ik niet achter gekomen. Wel is bekend dat Vincent nooit meer in Brabant is teruggekeerd. Het moet wel in zijn bedoeling hebben gelegen terug te keren, daar hij bij Kerssemakers het een en ander achterliet eventueel voor direct gebruik bij terugkeer. Hij had in Nuenen een veel grotere opslagruimte. Alles wat van hem bij koster Schafrat stond, heeft hij daar weggehaald en ondergebracht bij de weverij van Begemann, Berg 65, dit huis staat er nog. Deze opslag is later opgeruimd, op welke manier is voor mij een raadsel, oude Nuenennaren doen daar geheimzinnig over. )13 We zullen het houden op "opgestookt" en wie durfde daar op het laatste moment nog iets uit weg te pikken? Een deel is kennelijk bij een opkoper in Breda terecht gekomen.

De voetstappen van "het schildermenneke van Nuenen", is zeker geen literair kunstwerkje, zo is het ook niet bedoeld. Mijn nieuwsgierigheid naar wat er nog te ontdekken valt in deze snel veranderende wereld van opdoeken en vernieuwen is heel aardig bevredigd. Ik ben veel dank verschuldigd aan de velen, voor mij vreemde mensen, die mij te woord wilden staan, dat was een prettige ervaring. Door zoveel mogelijk van eigen bewoordingen en eigen werkwijzen gebruik te maken is dit een verhaal van en voor mijzelf geworden. Voetstappen met zijsprongetjes kris kras in deze omgeving. Een stukje veldwerk met vraagtekens maar zonder franje.

Hoe serieus ik met dit onderzoek bezig ben geweest is een beetje af te leiden uit de recente foto's en enkele aanvullende schema's. )14

 

AANVULLINGEN

a. Noten 1 tot en met 14

b. De in 1885 bestaande molens in kaart gebracht, in een straal van ca. 15 km, kaartje 6

c. - Foto van de molen "Vogelenzang" te Lieshout 1995

- Foto van een oud schilderijtje met de Lieshoutse molen Vogelenzang als voorstelling. Dit beschadigde schilderijtje is nog in Nuenen als aandenken aan een overleden moeder die het op een zolder aan de Berg te Nuenen had gevonden. Het zal geen Vincent van Gogh zijn, maar van wie dan wel? (Tussen 1900 en 1920 gemaakt?)

d. Persoonlijke interpretatie van Vincents atelier bij koster Schafrat.

e. van Gogh en tante Post

f. Dank aan de medewerkers van het Streekarchief Regio Eindhoven (S.R.E.)

g. Inhoud

Gebruikte literatuur en andere bronnen staan tussen de regels door vermeld, evenals verwijzingen naar enkele brieven en personen. Als leidraad gebruikte ik de fotoboeken van J.C. Jegerings over het oude Eindhoven, Gestel en Nuenen.

Research en redactie: Kees Verkooijen, Eindhoven 1997 (eerste uitgave), maart 2000 (2e druk)

Samenstelling, layout en publicatie: Ad Verkooijen Geldrop 1997 (eerste uitgave), maart 2000 (2e druk en internetpublicatie)

NOTEN

  1. ( JH-6 ) Uit het boek van Gogh en zijn weg. Jan Hulsker, Amsterdam 1987.
  2. Heide is een verzamelnaam van een plantengemeenschap, waarin op de hoge gronden struikheide (Calluna vulgaris) en op de lage gronden dopheide (Erica tetralix) dominant is.
  3. Bij de gemeente herindeling van 1821, werd Nederwetten samen met Gerwen en Nuenen, een gemeente n.l. Nuenen c.a. Dit tot groot ongenoegen van de bevolking van Nederwetten, zij hadden liever met Eckart samen gegaan. Nederwetten voelde zich achter gesteld en dat is zo gebleven. In 1840 is door de notabelen van Nederwetten een petitie gestuurd naar Koning Willem II om los te mogen komen van Nuenen. Zie gegevens van het streek archief. Intussen ging de onderlingen strijd met hooivorken en dorsvlegels in de handen gewoon door. Ouderen in Nederwetten vinden zich nog steeds achter gesteld en slepen Gerwen daar in mee.
  4. Komt bij het kadaster voor als eerste belasting jaar over een graanmolen inplaats van akkerland te Nuenen c.a. kadastraal Sektie B. nummers 2930 en 2931,samen groot zestien aren en tien centiaren. Op naam van Marcelis van den Eijnden te Dommelen. Na informatie bij het kadasterkantoor te Eindhoven blijkt dat er geen verschil gemaakt werd tussen een hele of een gedeeltelijke molen. Op de sluitsteen in de inrijpoort van de molen staat onder elkaar1884-1971. Deze steen is echter geplaatst tijdens de restauratie van 1971-1972.
  5. De aquarel ( JH-954 ) is door Vincent zelf toegelicht in brief nr.430 van begin November 1885.
  6. De toren was af gebroken, de puinhoop bleef achter. In 1886 hebben nog verkopen van stenen plaats gevonden onder leiding van notaris A.Schutjes te Nuenen.
  7. De legende over een schaap dat de St.Antoniuskapel in rent, op de vlucht voor een wolf, wordt in enkele boeken van Nuenen verhaald.
  8. Pas na 1887 is het hulppostkantoor van postgaander J.Koun aan de papenvoort, verplaatst naar Berg 6 te Nuenen. Deze woning is er nog, met de misleidende gevelsteen naast de voordeur I.K.1849. Het telegraafkantoor kwam daar veel later. Op 22 November 1892 Verzoekt P.van Wijk-Brangers, zakenman te Nuenen, de gemeenteraad aldaar, een telegraafkantoor in de dorpskern te bewerkstelligen. De vertragingen door de lange looptijden naar het station (Eeneind), komt voor een telegram niet van pas.
  9. Het kasteeltje Rapelenburg, met omliggende landerijen en een boerderij aan de over zijde van de inrijpoort aan de Genneperweg, was tussen 1875 en herfst 1885 eigendom van de familie Nieuwenhuijs in Frankrijk.
Bekend waren de dochters van Franciscus Nieuwenhuijs en Emile Janssens, te weten:

Vrouwe Anne Felicie Nieuwenhuijs, echtgenote van den heer Pierre Charles Comte, van beroep schilder, wonende te Fontainebleau (F).

Vrouwe Emma Christina Nieuwenhuijs, echtgenote van den heer Elisee Louis Lambert, van beroep civiel ingenieur te Parijs. Rapelenburg was wel bewoond, maar door wie, daar ben ik niet met zekerheid achter kunnen komen. Het is mogelijk dat Vincent bij het schilderen van de molenraderen, belangstelling kreeg van de overbuurman. Deze was de pachter van de boerderij van de familie Nieuwenhuijs. Hij heeft mogelijk letterlijk of figuurlijk de poort van Rapelenburg geopend. Zijn huisbaas was immers ook schilder.

10. De gegevens over gelaagd hout (triplex) zijn verstrekt door Herman Verkooijen, oud medewerker (vertegenwoordiger) van de N.V.Picus, houtindustrie Eindhoven.

11. De gegevens over achtkantige molens en dergelijke, zijn mij toegezonden door: "Nico Jurgens", molenkenner uit Valkenswaard, via Hans Tielemans, molenaar op de beltmolen 't Nupke te Geldrop.

12. Het betreft hier het oude gemeentehuis van Eindhoven in de Rechtestraat. Hier werd zelfs onder druk van gemeenteambtenaren, in het geniep gesloopt, zonder de procedures af te wachten.

13. Bij molenaar Peter van den Eijnden, die aan de Berg woonde, is ook een "van Gogh opslag" geweest en later opgeruimd aldus bakker Frans van de Ven (1925) te Nuenen. Hij is een kleinzoon van "oma van den Eijnden" en zij was een zuster van molenaar Peter. Ik hecht meer waarde aan officiële stukken die er nog zijn, dan aan de wilde verhalen in Nuenen en Eindhoven.

14. De door mij gebruikte archiefstukken bestaan in hoofdzaak uit huwelijks-, overlijdens- en notariële akten. Ook gedateerde en getekende verzoek schriften zijn tamelijk betrouwbaar Geraadpleegde notariële akten zijn van de Notarissen:

    A. Schutjes en J.J. Scholten te Nuenen.

    F.A.A. Huijsmans, E.M. Jonckbloet en J.J. Fens te Eindhoven.

    Notaris de Vries te Waalre.

Lieshout, molen "Vogelenzang" 1994 foto CV.

Oud schilderijtje molen "Vogelenzang" te Lieshout, 1995 foto CV.

 

 

INHOUD

BLZ., ONDERWERP, HULSKER, LAFAILLE, PLAATS

1 windmolen 6, 843 Etten

1 molens 15, 850 Dordrecht

4 schets met Cor Etten 1878, van Gogh in Brabant

4 houtverkoping 438, 1113 Nuenen

5 populierenlaan 522, 112 Nuenen (Breugel)

10 landschap+kerk 761, 185a Breugel Genovevakerk

10 molen in korenveld 913, 1340 Breugel, Stokland

10 molen in het veld 915 1321 Breugel, Stokland

10 boerderij en molen 802, 1345 Breugel

14 rietdaken 474, 1242 Nuenen c.a. Nederwetten

14 kerk in Gerwen 435, 1238 Nuenen c.a., Gerwen

14 de hut 777, 83 Nuenen

15 de hut 805, 93 Nuenen

15 kerkhofje 762, 191 Nuenen

18 laan met populieren 959, 45 Nuenen, Lindenlaan

18 populierenln zonsonderg. 518, 123 Nuenen, Voirt

18 bosweggetje 519, 120 Nuenen, het Broek

19 kerkje in Nuenen 446, 1117 Nuenen

19 kerkje in Nuenen 521, 25 Nuenen

19 oude toren 426, 1127 Nuenen

19 oude toren 427, 1131 Nuenen

19 oude toren 428, 1687 Nuenen

19 pastorie 948, 182 Nuenen

19 pastorietuin 954, 1234 Nuenen

20 watermolen 488, 48a Nuenen, Coll

20 watermolen 527, 48 Nuenen, Opwetten

21 dorp, zonsondergang 492, 190 Nuenen, Wettenseind

23 kerk, tekening 640 schtsbk Tongelre, oude Marti- nuskerk

26 oud station Eindhoven 602, 67a Ehv.goederenloods

26 straat in Eindhoven 958, 1348 Ehv.Stationsplein

29 stadhuis 3e etage 638 schtsbk Ehv.oude waaggeb.

30 kerkgebouw 606 schtsbk Ehv.St.Catharina

31 landschapschets 965, 1063 Gestel, Kessemakerspad

33 aardappeleters 764, 82 Nuenen

35 korenveld en molen 911, 1319v Veldhoven 8-hoek. molen

39 stadsgezicht A'dam 944, 113 Amsterdam 1885

39 stadsgezicht A'dam 945, 114 Amsterdam 1885

39 stadsgezicht+oph.brug 947, 210 Helmond (?) 1915

40 herfst met bomen 962, 44 Nuenen

VORIGE PAG. / BACK BACK TO START VOLGENDE PAG. / NEXT

TERUG NAAR BOVEN / BACK TO TOP

    

Ad Verkooijen HOMEPAGE maart 2000 cv / av   All text is copyrighted to CAH Verkooijen; Pictures on this page are copyrighted and for study only